1-MEI BOODSCHAP VAN DE MINISTER VAN ARBEID

1-MEI BOODSCHAP VAN DE MINISTER VAN ARBEID

29-04-2019

1-MEI BOODSCHAP VAN DE MINISTER VAN ARBEID

29-04-2019

Wij staan aan de vooravond van de herdenking van de Dag van de Arbeid, en aangezien ik als minister van Arbeid direct betrokken ben bij de strijd voor verbetering van werkomstandigheden en het welzijn van werkenden en hun gezinnen, voel ik mij geroepenom bij deze gelegenheid alle arbeiders een extra hart onder de riem te steken.

 

Allereerst zal ik niet ontkennen dat de werkende klasse in economisch opzicht een moeilijke tijd heeft doorgemaakt. U heeft te kampen gehad met een dalende koopkracht van uw loon. U heeft terecht gevraagd naar verbetering van de kwaliteit van bestaan. Uw roep is zeker niet aan dovemansoren gezegd, want de regering heeft intussen - binnen haar huidige mogelijkheden -enkele primaire en secundaire maatregelen genomen die de koopkracht van werkenden beslist positief hebben beïnvloed.

 

Zo heeft de regering intussen een maandelijkse verhoging bewerkstelligd op de lonen en salarissen van werkenden in de publieke sector, waaronder de onderwijsgevenden en politieambtenaren. Voor de private sector wordt het minimumuurloon, conform ingewonnen advies, zo spoedig mogelijk aangepast. De publicatie van het Staatsbesluit hiertoe is al voorbereid. In het vervolg zal, na goedkering door De Nationale Assemblee (DNA), het minimumloon volgens de herziene wet worden vastgesteld door een Loonraad die zal bestaan uit deskundigen.

 

Staat u mij toe om de overige maatregelen van de regering te noemen die mede een dalende koopkracht van u als loontrekker enigszins hebben kunnen tegenhouden.

 

  • Het feit dat de regering de tarieven van stroom, water en gas niet marktconform heeft aangepast, heeft direct een positieve impact gehad op de koopkracht van werkenden. U staat er kennelijk niet bij stil, maar hierdoor is het besteedbaar deel van uw inkomen niet ingrijpend gedaald. De regering heeft hierdoor u en uw gezin in staat gesteld om de inflatie het hoofd te kunnen bieden.
  • Ook het financieel toegankelijk blijven houden,zoveel mogelijk van de basisvoorzieningen, zoals onderwijs voor uw kinderen en gezondheidszorg voor uw gezin, zijn maatregelen die u niet buiten beschouwing mag laten bij het beoordelen van uw koopkracht als loontrekker.
  • Afgezien van deze maatregelen, komen duizenden gezinnen van arbeiders met een laag inkomen en die nog gebukt gaan onder de negatieve economische effecten van de inflatie, tijdelijk in aanmerking voor betaalbare voedselpakketten. Dit geschiedt op regelmatige basis. Ik vraag de beter gesitueerde loontrekkers om solidair te zijn met deze groep en op te houden om deze maatregel voor het bieden van tijdelijke ondersteuning aan huishoudens met een laag inkomen, te minachten. U beseft kennelijk onvoldoende dat het voedselpakket aan deze groep voor velen onder hen een strohalm is waaraan ze zich vastklampen. De regering bekijkt nu zelfs naar mogelijkheden om deze gezinnentijdelijkook in financieel opzicht te versterken, ter voorkoming dat kinderen uit deze gezinnen, door armoede gedreven in de kinderarbeid terecht komen.

 

U zult het met mij eens zijn dat voornamelijk kinderen van arme arbeidsgezinnen slachtoffer kunnen worden van kinderarbeid. Sprekend over dit onderwerp, kan ik u informeren dat de regering zich intussen heeft gecommitteerd aan een nationaal plan ter bestrijding van kinderarbeid. Het plan spitst zich toe op een brede en integrale aanpak van oorzaken die kunnen leiden tot kinderarbeid. De brede aanpak dient te zorgen voor effectieve bescherming van alle kinderen die in Suriname wonen, inclusief kinderen van vreemdelingen in ons land. Het gaat in deze niet slechts om kinderen te verwijderen uit de klauwen van kinderarbeid, maar het accent bij de uitvoering van dit programma zal vooral worden gelegd op preventie en tegelijkertijd op begeleiding van kinderen die slachtoffer zijn geweest van kinderarbeid.De output van dit plan zal uiteindelijk zijn dat slachtoffers weer in de gelegenheid worden gesteld om naar school te gaan en te genieten van een kwaliteitsvolle vrijetijdsbeleving als kind.Om dit doel te bereiken worden meerdere ministeries betrokken bij de aanpak van kinderarbeid. Bereids is dit plan goedgekeurd door de Raad van Ministers.

 

De voorwaarde voor verbetering van de kwaliteit van het leven van u en uw gezin is zonder meer een beter functionerende economie. Ik zal dat blijven benadrukken. De basis regel is, dat als het goed gaat met onze economie, het navenant ook beter zal gaan met u als loontrekker en met werkzoekenden. Gezien de redelijk goede economische vooruitzichten van ons land zoals geschetst door de president van de republieks Suriname in zijn jaarrede 2019, is de verwachting dat geleidelijk aan loontrekkers verder verbetering zullen merken van hun koopkracht. De regering zal nagaan welke incentives nog gegeven kunnen worden aan het bedrijfsleven.

 

De Regering hecht enorme waarde aan de positie van werkenden en hun gezinnen. Het bewijs daartoe wordt gevormd door onder meer de moderne arbeidswetgeving die sinds 2015 in overleg met de sociale partners tot stand werd gebracht in het streven naar een meer rechtvaardige economie die gepaard gaat met in achtneming van de beginselen van decent work. Dit gaat niet van een leien dakje, ondanks de regering middels tripartisme harmonie tracht te creëren tussen belangen- en tegenstellingen van de sociale partners. Wereldwijd leidt sociale vooruitgang voor werkenden onvermijdelijk tot spanningen tussen belangengroepen. Het is daarom steeds weer een uitdaging voor de regering om de productiefactoren arbeid en kapitaal met elkaar te verzoenen bij de verdeling van de koek die met namede grondslag vormt voor spaninningen. Ik geef toe dat het streven naar harmonie een immense taak is die niet zonder spanningen en ruis gepaard gaat onder de partners, zoals wij dat gezien hebben bij de onlangs aangenomen Wet Arbeidsbescherming Gezin. Voor een welzijnssamenleving betekent harmonie dat de regering voorzieningen treft voor het bedrijfsleven om in economisch opzicht te kunnen gedijen, maar harmonie betekent ook dat werknemers onder andere verzekerd dienen te zijn van een menswaardig minimumloon en dat zwangere werkneemsters mogen genieten van betaald zwangerschaps –en bevallingsverlof. Laten wij onderling hierover niet wedijveren. In elk geval, zal de regering zich blijven inspannen om de harmonie te bewaren onder de sociale partners in het belang van een duurzame welzijnssamenleving waar wij allen baat bij zullen hebben.

 

Met de aanname van de Wet Arbeidsbescherming Gezin is een historische mijlpaal bereikt in de ontwikkeling van het Surinaams sociaal zekerheidsrecht. De aanvankelijke naam van de wet was: ‘Bescherming Moederschap’ gericht op vooral betaald zwangerschaps- en bevallingsverlof voor werkneemsters in de private sector. Op basis van de debatten in het parlement is de wet uiteindelijk dusdanig geformuleerd dat werkende ouders, inclusief de vader, de gelegenheid krijgen om fysiek meer betrokken te zijn bij de zorg van hun pasgeboren kinderen. De strekking van deze wet gaat dus veel verder dan slechts bescherming bieden aan het moederschap bij de werkende vrouw. De wet heeft tot strekking dat arbeidsgezinnen in ons land beter gaan functioneren. De werking van de wet moet uiteindelijk tot uitkomst hebben dat de opvoeding van kinderen primair door de ouders wordt verricht, ook al zijn ze werkzaam. Ten aanzien van de opvoeding van de oudere kinderen zullen voor de ouders aparte regels worden opgenomen in de Wet Werktijdenregeling die nu in behandeling is bij de Staatsraad. De onlangs goedgekeurde wet geeft een krachtige aanzet hiertoe door zowel werkende moeder als vader, en in sommige gevallen van gezinscrisis, zoals overlijden of hospitalisatie van de moeder, zelfs naaste familieledenbetaald verlof toe te kennen. De nadrukkelijke bedoeling is dat de ouders al vanaf geboorte van het kind nauw betrokken zijn bij de zorg en opvoeding om een evenwichtige en verantwoorde verdeling van zorg en arbeid te kunnen garanderen. Ik benadruk dat deze wet het nu mogelijk gemaakt heeft dat werkende vaders nu ook in aanmerking komen voor vaderschapsverlof.

 

Werkende vaders, hiermee rust op u de grote verantwoordelijkheid om mede ervoor te zorgen dat onze kinderen de goede waarden en normen worden bijgebracht met de bedoeling dat ze later als goede burgers van ons kunnen overnemen.

 

Tenslotteroep ik de vakbeweging en het bedrijfsleven op om de arbeidsrust die er nu is te behouden. Laten wij als sociale partners gezamenlijk onze economie duurzaam voortstuwen met uiteraard in achtneming van de beginselen van decent work, opdat het leefklimaat voor werkendengezond en steeds aangenamer wordt.Het ministerie kan het niet alleen en blijft rekenen op uw coöperatieve opstelling zoals tot nu toe het geval is.

 

Ik wens u een bezinningsvolle Wrokoman Dey toe,

God zij met ons Suriname.

 

Paramaribo, 29 april 2019,

 

Minister van Arbeid,

Drs. Soewarto Moestadja